Autosport en de Formula E: een proeftuin voor de Audi van morgen

Audi Magazine

Autosport is altijd al een proeftuin geweest voor de ontwikkeling van nieuwe technologie die vervolgens zijn weg vindt naar straatwagens. Audi is met de slogan “Vorsprung durch Technik”, ofwel “voorsprong door technologie”, een van de constructeurs die het hardst zijn stempel heeft gedrukt op de autosport.

De saga van de Audi quattro in het wereldkampioenschap Rally – die precies veertig jaar geleden begon – werd gevolgd door talrijke innovaties zoals turbomotoren met directe injectie (TSI) die het merk in 2001 als eerste introduceerde bij de 24 Uur van Le Mans. Deze technologie heeft vervolgens in grote mate bijgedragen aan de verbetering van moderne productiemotoren, zowel wat de prestaties betreft als een aanzienlijke vermindering van het brandstofverbruik tot 15%.

Autosport en de Formula E: een proeftuin voor de Audi van morgen
24H Spa

Audi was nadien ook de eerste constructeur die de grootste uithoudingsrace ter wereld won met een TDI-motor (in 2006) en vervolgens met een hybridemotorisatie (in 2012). De ingenieurs van het merk hebben steevast hetzelfde doel nagestreefd: zowel de pure prestaties verbeteren als het verbruik verminderen met oog op het beperken van de tijd bij het tanken en het lichter maken van de wagen. Tussen de eerste en de laatste TDI-motor die bij de 24 Uur van Le Mans werd gebruikt, bedroeg de vermindering van het brandstofverbruik meer dan 20%... terwijl de prototypes die ze voortstuwden ook steeds sneller bleken te zijn. Indrukwekkend, toch?

Naast deze onmiskenbare vooruitgang op vlak van motorisatie, was het ook tijdens de 24 Uur van Le Mans dat Audi zijn LED-koplampen ontwikkelde evenals heel wat andere technologieën die vandaag vanzelfsprekend lijken in het gamma.

Formula E car

Tijd voor elektrisch rijden

De autosector is volop in beweging en ook vandaag maakt Audi nog steeds gebruik van de competitie om nieuwe technologieën te ontwikkelen. Dat is met name het geval op vlak van elektrische wagens. We zijn namelijk betrokken bij het wereldkampioenschap FIA Formula E met het team Audi Sport ABT Schaeffler en we leveren eveneens de aandrijflijn (die de elektromotor, omvormer, versnellingsbak en ontwerp van de achterwielophanging omvat) aan het Envision Virgin Racing team. Bij de Britse formatie vinden we ook een Belgische ingenieur, Bertrand Fermine. “De banden tussen de Formula E en de elektrische productiewagens zijn duidelijk”, bevestigt hij. “De ontwikkeling van elektrische motoren is niet te stoppen. De efficiëntie bedraagt de dag van vandaag 98 tot 99%, ten opzichte van ongeveer 50% voor verbrandingsmotoren. Een elektromotor zet dus bijna alle energie om een wagen aan te drijven om, waar bij een verbrandingsmotor bijna de helft van de fossiele energie verloren gaat, voornamelijk door wrijving en warmteontwikkeling.

De impact die de Formula E kan hebben op de ontwikkeling van elektrische motoren is duidelijk, maar een concurrentiestrijd kan ook andere aspecten van elektrische voertuigen verbeteren. “De voorbije jaren is er flinke vooruitgang geboekt om batterijen beter te gebruiken bij laad- en ontladingsfases”, gaat onze gesprekspartner verder. “Op dat vlak is een competitie als de Formula E meedogenloos aangezien de batterijen tot het uiterste worden gedreven. Als gevolg daarvan gaan productiewagens ook veel beter om met fases van regereneratie.

Wedstrijd

Het zal niet verbazen dat het vooral computerprogramma’s zijn die al deze aspect beheren. “Tijdens wedstrijden is het aantal sensoren beperkt, om de kosten te drukken”, vervolgt de man uit de Condroz. “Bij ontwikkelingswagens is het aantal sensoren echter veel belangrijker en dat laat toe om een indrukwekkende hoeveelheid gegevens te verzamelen. Onze software wordt dus voortdurend verbeterd. Hoewel ik niet persoonlijk verantwoordelijk ben voor dit aspect, weet ik dat het inzicht in en de ontwikkeling van deze informaticahulpmiddelen zeer nuttig zijn voor de evolutie van elektrische voertuigen voor het brede publiek.”

Dat heeft de Braziliaan Lucas di Grassi, officieel Audi-rijder en Formula E-kampioen van het seizoen 2016-2017, kunnen vaststellen toen hij het stuur nam van de Audi RS e-tron GT op het testcircuit van Audi in Neuburg. “Een GT is niet te vergelijken met een eenzitter zoals onze Formula E-wagen”, liet de man die ook internationaal ambassadeur is voor luchtkwaliteit bij de Verenigde Naties achteraf optekenen. “Ondanks alles, zijn er echter heel wat parallellen te trekken. Ik denk dan in het bijzonder aan de sterke acceleraties en het beschikbare vermogen dat constant beschikbaar is. Deze Audi van 0 tot 100 km/h zien accelereren in minder dan vier seconden, is indrukwekkend. De e-tron GT biedt bovendien zeer goede remprestaties: krachtig en nauwkeurig te doseren. Dat is zeker niet onbelangrijk voor een elektrische wagen van dit formaat…”

Er wordt vaak gezegd dat stilstaan achteruitgaan is. Niets is minder waar in de autosport, waar de concurrentie nooit aflaat. Bij Audi zijn we klaar om te strijden voor zeges en titels in het wereldkampioenschap FIA Formula E!

Misschien bent u ook geïnteresseerd in deze artikels